Marc van der Sterren

Nieuw! Hoe de landbouw winst kan maken voor natuur én boer

Het Louis Bolk Instituut doet onderzoek naar de échte verduurzaming van landbouw, voeding en gezondheid. Drie onderwerpen die niet losgezien mogen worden van elkaar. Jan Willem Erisman, directeur van het Louis Bolk Instituut kan het niet genoeg benadrukken. ‘Ga je bijvoorbeeld biomassa omzetten in brandstof dan bespaar je inderdaad op CO2. Dat lijkt duurzaam, maar als je de rest van de kringloop en de overige milieueffecten meeneemt is het dat niet.’

Het gaat tenslotte om een goede afweging tussen People Planet en Profit, vindt hij. ‘Maar het zou jammer zijn als het blijft bij window-dressing. In een echt duurzame wereld is er voor altijd genoeg voor iedereen.’

Echt duurzaam betekent dus zowel rekening houden met de ecologie en de biodiversiteit, alsook met de economie. ‘De huidige landbouw die bulk produceert tegen lage marges is kwetsbaar en afhankelijk van de wereldmarkt.’ Ecologisch duurzaam is het zeker niet. ‘De afgelopen 20 jaar is de biodiversiteit in het Nederlandse agrarisch gebied met 40% afgenomen.’

De directeur van het Louis Bolk Instituut formuleert het voorzichtig: ‘Zorgelijk’, noemt hij deze situatie. Wat hem betreft is de landbouw toe aan een systeemverandering. ‘Landbouw zou gebruik moeten maken van de biologische processen en deze optimaliseren voor een hogere productie. Dat is het meest efficiënt, al levert het niet de grootste productie op de korte termijn.’

In een echt duurzame wereld is er voor altijd genoeg voor iedereen

Het Louis Bolk Instituut brengt deze theorie in de praktijk met tal van projecten die zich telkens richten op een betere biodiversiteit en verduurzaming van de landbouw. Bij akkerbouwers in Gelderland en Flevoland bijvoorbeeld, moet een betere biodiversiteit het structuurbederf van de bodem aanpakken. In de Utrechtse en Zuid-Hollandse veenweidegebieden kampen veehouders met bodemdaling, met een verhoogde CO2-uitstoot tot gevolg.

Stikstofstudies

Om het belang van een grote biodiversiteit voor de landbouw uit te leggen, neemt Erisman de stikstofbenutting als voorbeeld. De directeur is immers ook hoogleraar Integrale Stikstofstudies aan de VU. In de natuur is de stikstofefficiëntie het hoogst, legt hij uit. ‘Het is schaars, dus planten moeten er wel efficiënt mee omspringen.’

Onder natuurlijke omstandigheden kent de bodem een hoge interactie tussen schimmels, bacteriën, planten en dieren. ‘Je hebt dan een hoge biodiversiteit, maar een lage opbrengst voor landbouwproductie.’

Wil je iets produceren, dan moet het stikstofniveau dus omhoog. En dat kan, juist door gebruik te maken van de biologische processen, vertelt de stikstofdeskundige. ‘De gangbare landbouw begint juist met een hoog stikstofniveau waardoor de stikstofefficiëntie omlaag gaat. Daarmee daalt de biodiversiteit en de efficiëntie van het ecosysteem.’ Beter is dus om eerst het biologische systeem te optimaliseren, kringlopen zoveel mogelijk te sluiten en pas daarna het stikstofniveau te verhogen.

Schiermonnikoog

Het klinkt misschien ingewikkeld; in het kort komt het erop neer dat de landbouw dichter bij de natuur komt te staan. Een voorbeeld van hoe het Louis Bolk Instituut dat aanpakt zien we op Schiermonnikoog. Melkveehouders gaan daar binnenkort aan de slag met een geheel nieuw, ecologisch verantwoord businessmodel. Een systeem waarbij boeren de helft minder vee gaan houden, maar dat toch voldoende rendement oplevert.

Zo’n systeem rendeert niet alleen voor de boer, maar voor de hele keten. Het spaart dus ook de kwetsbare natuur op het eiland. Het vergt een volledig andere manier van denken en handelen, legt Erisman uit. ‘Bij echte duurzaamheid moeten niet alleen de natuur en de boer er beter van worden, maar de hele keten.’

Een gezondere leefomgeving met minder vervuiling van lucht en grondwater heeft immers ook financiële voordelen voor de overheid. Zij bespaart op kosten als waterzuivering en op maatregelen om de stikstofdruk en de bijkomende schade te verminderen. Deze kosten komen nu op het bordje van de belastingbetaler.

De provincie Friesland is daarom ook bereid gevonden als formele opdrachtgever. Maar er staan meer partijen aan de basis van het project. Ook Natuurmonumenten, het WNF, Vogelbescherming Nederland, de Rabobank en FrieslandCampina doen mee.

Marktbenadering

Omdat dit project op Schiermonnikoog ten goede komt aan de biodiversiteit en aan de wens van de consument, levert het uiteindelijk een product op dat financieel beter rendeert, zo is de verwachting. Daarom wordt samen met de boeren, bekeken of speciale producten zoals regionale en natuurvriendelijke zuivel op een andere manier in de markt gezet kunnen worden. Een andere marktbenadering als deze ligt aan de basis van de transitie. De melk moet immers veel meer opleveren, wil het rendabel zijn voor de boer.

Met alle partijen wordt nu overlegd over de voorwaarden van het landbouwsysteem. Begin volgend jaar, als alle betrokkenen een intentieverklaring hebben getekend, kan de transitie in praktijk worden gebracht, verwacht Erisman.

Een omschakeling die naar verwachting zomaar drie jaar duurt. Want niet alleen moet de melkveehouderij worden ingepast in de natuurwaarden, er moet ook een volledig alternatieve zuivelketen worden opgebouwd.

Meer informatie: www.louisbolk.nl/projecten

Lees ook:

Op deze manier wordt de landbouw écht duurzaam
Hoe de veevoersector ons een mooi bloeiend landschap gaat opdienen
Het lupinedilemma: waarom industrie en akkerbouw niet klaar zijn voor dit prachtgewas

Over Marc van der Sterren

Marc van der Sterren is agrarisch journalist met speciale aandacht voor internationale landbouw en een focus op Afrika. Check zijn weblog Farming Africa en volg @Farming_Africa voor updates. 

Beeld: © Louis Bolk Instituut